Watertoren aan de Lindelaan - hoe zat dat? | verdwenen plekken


De toren werd gebouwd aan de Lindelaan in 1906 in opdracht van de Amsterdamse firma R. Cruijff & Zonen naar een ontwerp van architect Tulp. In januari 1905 verzocht de firma om de vergunning te verkrijgen voor de aanleg van een gemeentelijk waterleidingsnet. Op 7 februari 1905 nam de gemeenteraad van Ede het besluit en kon de fima beginnen met het leggen van leidingen. In de raadsvergadering van 16 februari 1906 werd het besluit genomen om twee percelen grond te kopen, perceel De Klinkenberg sectie K2333 en perceel De Paaschberg sectie K543 en te verpachten aan de firma zodat deze de bij het leidingnet benodigde watertoren kon gaan bouwen. In de zomer van 1906 werd de toren door de firma Cruijff gebouwd. Hij had bij oplevering een waarde van fl 21.857. In 1913 werd het bijbehorend pomphuis opgeleverd. 

De watertoren bestond tot 27 april 1978 toen hij om precies 14.00 uur met dynamiet werd opgeblazen. De toren had zijn functie verloren en was niet meer nodig als reservoir. Het bijbehorend pomphuis is wel behouden gebleven. Hierin was jaren de gemeentelijke brandweer gevestigd. Momenteel is het in gebruik als restaurant, met de naam Het Pomphuis. Bron: Wikiwand.


Bouw

TOEN: 1865. Bron: Gemeentearchief Ede.

TOEN: 1865. Bron: Historisch Museum Ede.


In gebruik

TOEN: 1908. Vanaf de Stationsweg. Bron: Gemeentearchief Ede.

TOEN: circa 1935. Gezien vanaf de Lindelaan. Bron: Historisch Museum Ede.

TOEN: 1963. Zicht op houthandel Tulp, vanaf de Watertoren. Bron: Gemeentearchief Ede.

TOEN: 1972. 

TOEN: 1972. In gebruik als brandwacht. Bron: Piet Kruyt.

NU: 2021. Niets meer van de watertoren terug te vinden.

TOEN: 1920. Zicht vanaf de Stationsweg. Bron: Gemeentearchief Ede.

TOEN: circa 1975. Na de afbraak van het Tulp-houthandelscomplex. Bron: Gemeentearchief Ede.


Bij de toren hoorde een pomphuis. Door de groei van Ede en het toenemende waterverbruik werd de oorspronkelijke installatie al snel te klein. In 1913 werd het oorspronkelijke pomphuis opgeleverd; later kwam er nog een veel groter pompgebouw bij. In 1915 werden nieuwe pompen en motoren geplaatst, met gezamenlijk 72 pk vermogen. Dat grote pompgebouw bestaat nog steeds. Het is tegenwoordig bekend als Het Pomphuis. De watertoren zelf is verdwenen, waardoor het gebouw een van de belangrijkste tastbare herinneringen vormt aan de eerste Edese waterleiding.

De watertoren kreeg ook een militaire betekenis. Tijdens de mobilisatie werd hij gebruikt als observatiepost van het Nederlandse leger. Tijdens de Duitse bezetting gebruikten de Duitsers de toren eveneens als observatiepost. Op de dag van de bevrijding van Ede, 17 april 1945, werd de toren getroffen door een granaat. Het vuur kwam volgens de historische beschrijving van de oprukkende geallieerden vanaf de Ginkel. Het reservoir raakte beschadigd, maar de schade kon betrekkelijk snel worden hersteld. In 1949 nam de gemeente Ede de Edesche Waterleiding Maatschappij over. In 1951 werden het waterleidingbedrijf en het gemeentelijke gasbedrijf samengevoegd. De technische betekenis van de watertoren nam daarna geleidelijk af. Het waterleidingnet werd gemoderniseerd en andere voorzieningen maakten het grote reservoir boven in de toren overbodig.

De toren kreeg vervolgens allerlei nevenfuncties. Hij werd onder andere gebruikt als: uitkijkpost voor de Veluwse bosbrandweer; plaats voor antennes van politie en brandweer; plaats voor sirenes; droogtoren voor brandslangen en eerder was er zelfs een woning voor de tweede machinist in aangebracht. Die woning dateerde uit 1920 en bleef tot in de jaren vijftig als dienstwoning in gebruik.


Afbraak

TOEN: 1978. Bron: Historisch Museum Ede.

TOEN: 1978. Bron: Gemeentearchief Ede.

TOEN: 1978. Bron: Gemeentearchief Ede.

TOEN: 1978. Bron: Gemeentearchief Ede.

TOEN: 1978. Bron: Historisch Museum Ede.