60. De Eder Heide | mooi rond Ede


De Eder Heide is een heidegebied bij Ede dat wordt afgewisseld met bos. Het heidegebied wordt van de Ginkelse Heide gescheiden door de Verlengde Arnhemseweg (N224). Aan de noordkant grenst de Eder Heide aan de Driesprong. De heide wordt doorkruist door de Hessenweg (5), de Kreelseweg en de Koeweg. Langs de noord- en oostkant ligt de landbouwenclave De Hindekamp. Hier liggen ook drie vennen: de Kreelse Plas (4), de Plas van Gent en de Heidebloem. Aan de oostzijde ligt aan de Groot Ginkelseweg een bezoekerscentrum. Op de Eder Heide ligt de Drieberg (1). Dit is een heuvel waarop vijf prehistorische grafheuvels liggen. Tijdens de Eerste Wereldoorlog was op de Eder Heide een Belgisch vluchtelingenkamp. Hiervoor is een monument opgericht. Langs de heide staan twee schaapskooien naast elkaar. De oude monumentale Schaapskooi De Kreel (2) met ernaast een grote nieuwe kooi. De heide wordt gebruikt voor militaire oefeningen. Alle foto's: Allard Bijlsma. Basiskaart: openstreetmap.org.


Eder Heide en schaapskooi

Defensie gebruikt de heide voor het houden van oefeningen met drie typen helicopters.


De Eder Heide, net als veel andere heidegebieden op de Veluwe, ontstond niet doordat mensen die grond expres gingen “aanleggen”, maar door een samenspel van natuurlijke bodemgesteldheid en menselijk gebruik over duizenden jaren. De basis hiervoor is het zandige en voedselarme bodemtype dat typisch is voor de stuwwal- en dekzandgebieden van de Veluwe. Op deze arme zandgronden kon van nature geen dicht bos ontstaan; daarentegen bleef een open landschap bestaan waarin heideplanten als struikheide dominant konden worden. Vanaf het Mesolithicum (circa 8000–2500 v.Chr.) zijn er sporen van menselijke aanwezigheid in de omgeving van de Eder- en Ginkelse Heide gevonden, zoals bij grafheuvels en vindplaatsen van werktuigen. Deze vroege bewoners leefden als jager-verzamelaars op de Veluwegronden en maakten gebruik van de open terreinen en bronnen die het landschap bood.

Rond 2500 v.Chr. en later in het Neolithicum en de IJzertijd vestigden zich langzamerhand meer (semi-)permanente dorpen en akkers rond de velden; ook in deze perioden is duidelijk menselijke invloed op het landschap aangetoond. Door begrazing door vee en het steken van plaggen (voor turf, stallen of landbewerking) bleef het landschap open en verarmd — wat juist de ontwikkeling van heide in stand hield. Het huidige landschap van de Eder Heide is voor een groot deel gevormd door historisch grondgebruik en activiteiten van lokale bewoners:

  • De heide behoorde traditioneel tot de geërfden van de buurt Ede-Veldhuizen, een groep erfgenamen die gezamenlijk rechten hadden op de woeste gronden rond Ede. Zij gebruikten de heide voor het steken van plaggen, het weiden van vee, en het winnen van grint.
  • Door de plannen rond de aanleg van militaire terreinen in de vroege 20ste eeuw werd de Eder Heide in erfpacht gegeven aan het Ministerie van Oorlog (later Defensie), wat de toegankelijkheid en het gebruik veranderde. Op het land werden militaire oefeningen gehouden en er waren oefenloopgraven uit de Eerste Wereldoorlog aanwezig.
  • Tijdens de Eerste Wereldoorlog (1914–1918) werden Belgische vluchtelingen in Nederland opgevangen; op een deel van de Eder Heide werd een groot kamp gebouwd. Tegenwoordig herinnert het Belgenmonument aan deze periode.

Het karakteristieke heide-boslandschap dat je nu ziet is dus het resultaat van zowel natuurlijke factoren (armoedige zandbodem, klimatologische omstandigheden) als menselijke ingrepen door eeuwen lang beheer, begrazing en plaggen. Die combinatie van bodem, gebruik en beheer heeft geleid tot de open heidevelden met vennen, graslanden, bosranden en sporen van prehistorische en historische bewoning die je vandaag kunt zien. Het gebied bevat ook cultureel-historische elementen zoals prehistorische grafheuvels op de zogenaamde Drieberg, schaapskooien en overblijfselen van militaire oefeningen.