Ontwikkeling werkgelegenheid in Ede | 1965-heden
Binnen de gemeente waren er in 2026 meer dan 60.000 arbeidsplaatsen. De meeste mensen werken op de bedrijventerrein aan de westkant van Ede en bij grote dienstverleners, zoals de gemeente en het ziekenhuis en in het onderwijs.
1965–1975: Ede als industriestad
In 1965 was Ede nog sterk afhankelijk van grote industriële werkgevers. De ENKA/AKU was daarvan de bekendste. Daarnaast waren bedrijven actief in de metaalindustrie, voedingsmiddelenindustrie, elektrotechniek en meubelproductie. Voorbeelden zijn Smit Transformatoren, Rippen en verschillende voedingsmiddelenbedrijven.
De industriële werkgelegenheid veranderde echter geleidelijk. Door mechanisering en automatisering konden fabrieken steeds meer produceren met minder werknemers. Tegelijkertijd groeide Ede als woonplaats en ontstonden nieuwe banen in winkels, scholen, de bouw en gemeentelijke voorzieningen.
1975–1985: Teruggang van traditionele industrie
De economische crises van de jaren zeventig en begin jaren tachtig hadden gevolgen voor de Edese industrie. Bedrijven kregen te maken met stijgende kosten, internationale concurrentie en veranderingen in de vraag.
Vooral arbeidsintensieve industriële activiteiten kwamen onder druk te staan. De werkgelegenheid verschoof geleidelijk naar handel, transport, dienstverlening en publieke voorzieningen. De uitbreiding van bedrijventerreinen, waaronder de Frankeneng, droeg bij aan deze verandering.
1985–1995: Opkomst van handel en dienstverlening
In deze periode werd de Edese economie minder afhankelijk van enkele grote fabrieken. Groothandel, distributie, zakelijke dienstverlening en kleinere productiebedrijven werden belangrijker.
De centrale ligging aan de A12 en A30 en de spoorverbindingen maakte Ede aantrekkelijk voor bedrijven die goederen door heel Nederland distribueerden. Tegelijkertijd nam het aantal arbeidsplaatsen in de gezondheidszorg, het onderwijs en de zakelijke dienstverlening toe.
1995–2005: Einde van het ENKA-tijdperk
Een van de ingrijpendste gebeurtenissen was de sluiting van de ENKA-fabriek. De productie werd op 30 september 2002 beëindigd. Daarmee verdween een fabriek die sinds 1922 een belangrijke plaats in de Edese economie had ingenomen. De sluiting betekende niet dat de industriële werkgelegenheid volledig verdween. Ede behield bedrijven in onder andere de voedingsmiddelenindustrie en techniek. Wel verschoof het economische zwaartepunt verder naar dienstverlening, handel en logistiek.
2005–2015: Verbreding van de economie
De werkgelegenheid groeide in uiteenlopende bedrijfstakken. Op bedrijventerreinen als de Frankeneng, Heestereng en Kievitsmeent waren productie, groothandel, transport en zakelijke dienstverlening vertegenwoordigd.
Ook de zorg en het onderwijs leverden veel werkgelegenheid op. De aanwezigheid van het Ziekenhuis Gelderse Vallei, kennisinstellingen en voedselgerelateerde bedrijven versterkte de positie van Ede binnen de Foodvalley-regio.
2015–2025: Groei van zorg, handel en zakelijke dienstverlening
In deze periode groeide de werkgelegenheid verder. De gemeente telde in een publicatie uit 2018 ongeveer 55.900 arbeidsplaatsen. In een later gemeentelijk beleidsdocument werd een niveau van circa 59.400 banen genoemd, met 2020 als referentieperiode. De coronaperiode veroorzaakte in 2020 een kleine daling. Daarna herstelde de economie zich. Handel, bouw en zakelijke dienstverlening waren belangrijke groeisectoren. De voedselgerelateerde economie kreeg meer aandacht, onder andere door de ontwikkeling van het World Food Center en samenwerking binnen Regio Foodvalley.
2025–heden: Groei, maar ook nieuwe knelpunten
De Edese economie groeit nog, maar krijgt te maken met een tekort aan personeel, vergrijzing, beperkte ruimte op bedrijventerreinen en problemen met het elektriciteitsnet. Volgens de gemeente steeg het aantal banen, maar verliep de groei minder snel dan in vergelijkbare gemeenten. In de Atlas voor gemeenten 2025 daalde Ede op de indicator werkgelegenheidsontwikkeling van plaats 23 naar 29.
| Periode | Belangrijkste ontwikkeling | Kenmerkende bedrijfstakken |
|---|---|---|
| 1965–1975 | Industrie dominant, groei voorzieningen | Kunstvezels, metaal, voeding |
| 1975–1985 | Industriële herstructurering | Industrie, handel, bouw |
| 1985–1995 | Groei van diensten en distributie | Groothandel, logistiek, zorg |
| 1995–2005 | Sluiting ENKA, verdere omschakeling | Handel, techniek, diensten |
| 2005–2015 | Meer verschillende soorten banen | Zorg, onderwijs, logistiek |
| 2015–2025 | Verdere groei werkgelegenheid | Zakelijke diensten, handel, zorg |
| 2025–2026 | Arbeidskrapte en technologische verandering | Zorg, food, ICT, logistiek |